Waarom tuchtrecht?

Wie een jeugdprofessional inschakelt, moet ervan op aan kunnen dat de dienstverlening voldoet aan de kwaliteitseisen. Een jeugdprofessional dient te handelen volgens de professionele standaard (de gedrags- en beroepsregels) die voor hem of haar geldt. SKJ zorgt ervoor dat iedereen die is ingeschreven in het kwaliteitsregister zich onderwerpt aan het Tuchtreglement.

Doel van tuchtrecht
Een van de doelstellingen van het tuchtrecht is dat je als geregistreerde (jeugd)professional kan worden beoordeeld op je professionele handelen. Hiervan kun je als jeugdprofessional leren. Ook de hele beroepsgroep kan van deze toetsing leren en zichzelf verbeteren. De kwaliteit van de dienstverlening verbetert hierdoor. Daarnaast kan tuchtrecht normoverschrijdend gedrag voorkomen. Het leerelement, de preventieve werking en de kwaliteitsverbetering staan bij het Kwaliteitsregister Jeugd hoog in het vaandel.

Hieronder zie je een video waarin het tuchtrecht wordt uitgelegd.

Cijfers tuchtrecht
Eind 2017 waren in totaal 31.000 professionals bij SKJ geregistreerd. In 2017 zijn in totaal 264 tuchtklachten door het College van Toezicht behandeld. Het betroffen klachten welke waren ingediend in 2015, 2016 en 2017 en die in 2017 hebben geleid tot een beslissing of door de klager zijn ingetrokken. Van de 264 klachten zijn 162 klachten niet inhoudelijk behandeld. Van de 102 (100 met hoorzitting, 2 schriftelijk) inhoudelijk behandelde klachten werd in 40 klachten minstens één klachtonderdeel gegrond verklaard. Daarbij werd 11 keer geen maatregel opgelegd (gegrond zonder maatregel), 17 keer een waarschuwing, 8 keer een berisping, 3 keer een voorwaardelijke schorsing en één keer een schorsing.

Het College van Beroep heeft in 2017 27 beroepschriften behandeld. Dit betroffen 21 beroepschriften welke waren ingediend in 2016 en 6 beroepschriften welke waren ingediend in 2017. Het College van Beroep heeft in 2017  7 beslissingen van het College van Toezicht (deels) vernietigd, 2 beslissingen van het College van Toezicht zijn gehandhaafd, en 4 beroepschriften zijn ingetrokken. In 14 zaken werd de appellant niet-ontvankelijk verklaard in het beroep.

Eerste toetsing van een tuchtklacht (voorportaal)

Als een tuchtklacht wordt ingediend in het zogenoemde ‘voorportaal’ van SKJ, dan wordt getoetst of de klacht voldoet aan de eisen van het tuchtreglement. Als de klacht niet voldoet aan de eisen, krijgen klagers twee weken de tijd om dit alsnog in orde te maken. Daarnaast wordt gekeken of de jeugdprofessional over wie wordt geklaagd inderdaad een SKJ-geregistreerde professional is. Er wordt ook onderzocht of het echt gaat over het individueel professioneel handelen van de professional. Verder wordt onderzocht of er bemiddeld kan worden tussen klager en professional.

In het voorportaal van SKJ zitten onder meer een beroepsgenoot, een bemiddelaar en twee juristen. Als de klacht voldoet aan de eisen, wordt verweer opgevraagd bij de beklaagde professional. In veel gevallen volgt dan een hoorzitting voor het College van Toezicht van SKJ. Als een klacht op zitting komt, betekent dit nog niet dat de klacht ook gegrond is. Dat oordeel is aan het College van Toezicht en bij een eventueel beroep aan het College van Beroep.

Kijk in dit filmpje hoe het voorportaal van SKJ werkt.

Informatie over tuchtmaatregelen

De Colleges van Toezicht en Beroep kunnen disciplinaire maatregelen opleggen aan beroepsbeoefenaars die zijn geregistreerd in het Kwaliteitsregister Jeugd, als zij zich hebben gedragen in strijd met vastgestelde regels voor de beroepsuitoefening (beroepscode). Er wordt hierbij niet gesproken van een straf, maar van een maatregel.

Als er een klacht tegen een professional is ingediend bij het College van Toezicht kan er een bijeenkomst worden georganiseerd.

In het filmpje hieronder zie je de gang van zaken tijdens zo’n zitting.

Klacht gegrond

Er kan alleen een maatregel worden opgelegd aan een beroepsbeoefenaar als de klacht gegrond is. De Colleges van Toezicht en Beroep moeten dus eerst vaststellen dat de betreffende beroepscode is overtreden. In dat geval is de klacht gegrond. De colleges kunnen een klacht ook gegrond verklaren zonder een maatregel op te leggen. Dat gebeurt bijvoorbeeld wanneer de beroepscode is overtreden maar dit de beroepsbeoefenaar niet is te verwijten.

Tuchtmaatregelen

Het College van Toezicht of het College van Beroep kan aan de geregistreerde jeugdprofessional één van de volgende tuchtmaatregelen opleggen, oplopend in zwaarte:

  1. Waarschuwing: een waarschuwing brengt de onjuistheid van een handelwijze op een zakelijke manier naar voren zonder de handelwijze af te keuren. Een waarschuwing is corrigerend en voorlichtend van aard.
  2. Berisping: een berisping heeft een verwijtende en veroordelende strekking.
  3. Voorwaardelijke schorsing van de registratie in het Kwaliteitsregister Jeugd met een proeftijd van ten hoogste 2 jaar. De schorsing gaat alleen in als de beroepsbeoefenaar tijdens een proeftijd van maximaal 2 jaar niet aan bepaalde voorwaarden voldoet.
  4. Schorsing van de inschrijving in het Kwaliteitsregister Jeugd gedurende ten hoogste een jaar, al dan niet gecombineerd met een van de maatregelen onder 1 en 2 genoemd. Dit betekent dat de rechten die aan de registratie zijn verbonden niet kunnen worden uitgeoefend. De beroepsbeoefenaar kan dus gedurende een bepaalde periode zijn beroep niet uitoefenen. De verplichtingen blijven wel in stand.
  5. Doorhaling van de inschrijving in het Kwaliteitsregister Jeugd en/of ontzegging van het recht opnieuw in het register te worden ingeschreven. De beroepsbeoefenaar heeft zozeer in strijd met de beroepsethische norm gehandeld dat deze niet meer in het Kwaliteitsregister thuishoort.

De maatregelen 2 tot en met 4 worden openbaar gemaakt in het openbaar register.

Lees meer:

Berisping

Het College van Toezicht van SKJ heeft op 1 juli 2016 een maatregel van berisping opgelegd aan een geregistreerde jeugdzorgwerker. Deze professional was op meerdere punten aangeklaagd. Beklaagde heeft klager onvoldoende zorgvuldig en niet tijdig geïnformeerd over de aard van de gesprekken die beklaagde met de dochter van klager en derden heeft gevoerd. Bovendien heeft beklaagde deze gesprekken niet op de daarvoor omschreven wijze gevoerd.

Het college overweegt dat onvoldoende blijkt dat beklaagde heeft gereflecteerd op de normen in de artikelen F, G en K van de Beroepscode voor de Jeugdzorgwerker en dat zij derhalve verwijtbaar is tekortgeschoten als professional jegens klager.

Het college legt aan beklaagde een berisping op.

Voorwaardelijke schorsing

Het College van Toezicht van SKJ heeft op 12 november 2015 een voorwaardelijke schorsing opgelegd aan een geregistreerde jeugdzorgwerker. Deze professional was op meerdere punten aangeklaagd. Ook nadat er eerder een uitspraak was gedaan door het College van Toezicht van de NVMW (nu BPSW) heeft zij geen contact opgenomen met de klaagster. Zo heeft de beklaagde de klaagster niet met respect bejegend. Ten slotte heeft ze een zorgmelding niet besproken met beide ouders.

Het college is van mening dat de wijze van communiceren niet getuigt van reflectief handelen van beklaagde in relatie tot de klaagster, zoals in artikel S van de Beroepscode voor de Jeugdzorgwerker wordt beschreven. Beklaagde heeft bovendien niet aangetoond dat zij er alles aan gedaan heeft om klaagster te informeren. Dit is in strijd met artikel F uit de beroepscode. Het college beoordeelt de ernst van deze feiten en het handelen van de beklaagde zodanig verwijtbaar dat voorwaardelijke schorsing gerechtvaardigd is. Voorwaarde is dat de beklaagde binnen een termijn van zes maanden een supervisietraject gaat volgen.

Het College van Toezicht heeft het LVSC-gecertificeerde bewijs van deelname aan een supervisietraject binnen de gestelde termijn van 6 maanden ontvangen. Naar het oordeel van het College is voldoende vast komen te staan dat beklaagde voldaan heeft aan de voorwaarden binnen de proeftijd van 6 maanden. Het bestuur van SKJ heeft tijdens de bestuursvergadering van 4 juli 2016 besloten dat de voorwaardelijke schorsing niet wordt uitgevoerd.

Duur zichtbaarheid maatregel

 

 

FAQ

Het College van Toezicht doet soms ‘uitspraak ter zitting’. Wat is dat?

De voorzitter kan tijdens een hoorzitting besluiten om de zitting te schorsen, voor overleg met de andere leden. Als de voorzitter van mening is dat er goede redenen zijn waarmee kan worden voorkomen dat de klager en de beklaagde nog acht weken moeten wachten op de beslissing, dan kan het College zijn beslissing al ter zitting uitspreken.

Zo’n reden kan zijn dat de beklaagde tijdens de zitting uitspreekt dat hij het op alle punten eens is met het door de beklaagde geleverde verweer.

Wat gebeurt er met de beslissing van het College van Toezicht als er beroep tegen die beslissing wordt ingesteld?

Als de klager en/of de jeugdprofessional – de ‘partijen’ – het niet eens is/zijn met de beslissing van het College van Toezicht, dan kunnen zij beroep instellen tegen de onderdelen van de beslissing waarin zij in het ongelijk zijn gesteld. De klager kan dus in beroep gaan tegen de onderdelen van de klacht die het College van Toezicht ongegrond heeft verklaard. De jeugdprofessional kan in beroep gaan tegen de klachtonderdelen die gegrond zijn verklaard. De partijen kunnen gelijktijdig in beroep gaan. Een partij kan ook in beroep gaan in reactie op het beroep van de andere partij. Dit laatste heet ‘incidenteel beroep’.

Het College van Beroep toetst de onderdelen van de beslissing van het College van Toezicht waartegen beroep is aangetekend, opnieuw. De uitkomst kan zijn dat het College van Beroep het beroep afwijst. In dat geval blijft de beslissing van het College van Toezicht in stand. Het College van Beroep mag een zogenaamd ‘volle toetsing’ toepassen. Dat wil zeggen dat het College van Beroep andere feiten mag hanteren, andere omstandigheden in aanmerking mag nemen, een andere beroepsnorm van toepassing mag verklaren en anders mag wegen. Het College van Beroep kan dan tot het oordeel komen dat de beslissing van het College van Toezicht niet in stand kan blijven.

Als het College van Beroep het eens is met (een deel van) het beroep dan mag het College in zijn eigen procedure zelf een oordeel vellen. Het College van Beroep mag de zaak ook voor een hernieuwde behandeling terugverwijzen naar het College van Toezicht. Het College van Toezicht doet de zaak dan over.

Tegen een beslissing van het College van Beroep kan geen beroep worden ingesteld.

Mijn professionele handelen is door het College van Toezicht beoordeeld en ik heb de beslissing inmiddels ontvangen. Wanneer wordt deze beslissing gepubliceerd?

Met ‘publiceren’ wordt bedoeld ‘op de site zetten’. De beslissing wordt in geanonimiseerde vorm  gepubliceerd. Binnen twee weken nadat de beslissing van het College van Toezicht is verzonden naar de klager en de jeugdprofessional wordt een samenvatting van de beslissing op de site gezet. Korte tijd later wordt een link geplaatst bij deze samenvatting waarmee naar de (geanonimiseerde) beslissing kan worden doorgeklikt. In het geval dat er tegen de beslissing van het College van Toezicht door de klager of door de jeugdprofessional beroep worden ingesteld, wordt dit bij de beslissing die wordt bestreden, vermeld.

Binnen twee weken nadat de beslissing van het College van Beroep is verzonden, wordt een samenvatting op de site gezet. Korte tijd later wordt een link geplaatst bij deze samenvatting waarmee naar de (geanonimiseerde) beslissing kan worden doorgeklikt. Bij de samenvatting van het College van Toezicht wordt op hetzelfde moment een tweede link geplaatst. Met deze link kan de lezer doorklikken naar de beslissing van het College van Beroep.

Kan de mogelijkheid tot het indienen van een klacht komen te vervallen?

Ja, de mogelijkheid tot het indienen van een klacht vervalt door verjaring na vijf jaren. Deze termijn begint op de dag volgend op die waarop het betreffende handelen waartegen de klacht zich richt, heeft plaatsgevonden, dan wel volgend op het moment waarop de belanghebbende van het betreffende handelen wist. Als de belanghebbende minderjarig is, begint de termijn van verjaring te lopen op de dag waarop hij zestien jaar is geworden.

Kan ik inzien aan welke jeugdprofessionals een maatregel is opgelegd?

Ja, op de website is een overzicht geplaatst (meest recent opgelegde maatregel bovenaan) aan welke jeugdprofessionals een maatregel is opgelegd. Zie hier het overzicht.

Wordt mijn werkgever geïnformeerd als er aan mij als jeugdprofessional een maatregel wordt opgelegd?

De werkgever van een jeugdprofessional aan wie een maatregel is opgelegd, met uitzondering van de maatregel van waarschuwing, wordt hier door het bestuur van SKJ over geïnformeerd.

Moet ik als jeugdprofessional mijn registratienummer op verzoek afgeven?

Ja, een jeugdprofessional moet op verzoek zijn registratienummer kenbaar te maken. Meer informatie hierover vindt u hier.

Hoelang blijft een opgelegde maatregel zichtbaar in het register?

Er zijn verschillende termijnen, afhankelijk van het type maatregel, hoelang deze zichtbaar blijft. Zie hiervoor het overzicht ‘Duur zichtbaarheid maatregel’.

Kan SKJ een tolk voor mij regelen tijdens de hoorzitting?

Indien bijstand door een tolk noodzakelijk is moet u dit zelf te regelen. SKJ kan geen tolk/vertaler voor u inschakelen. De tolk of vertaler die u inschakelt dient beëdigd te zijn. De kosten voor het inschakelen van een tolk/vertaler komen voor uw eigen rekening.

Kan ik van SKJ hulp krijgen bij het indienen van mijn tuchtklacht?

SKJ kan geen hulp bieden bij het indienen van een tuchtklacht. Wel is het mogelijk om bij het indienen van uw klacht hulp te vragen van bijvoorbeeld een vertrouwenspersoon. Een voorbeeld van een vertrouwenspersoon is het AKJ, ‘vertrouwenspersonen in de jeugdhulp’. Een vertrouwenspersoon van het AKJ informeert u over uw rechten, geeft advies en ondersteunt u desgewenst bij het opstellen van een klachtbrief of een gesprek met de jeugdprofessional. Kijk voor meer informatie op de website van AKJ.

Zijn er kosten verbonden aan een tuchtrechtprocedure bij SKJ?

SKJ brengt geen kosten in rekening bij partijen voor een tuchtrechtelijke procedure. Als een partij zich wil laten bijstaan door een gemachtigde tijdens de procedure (bijvoorbeeld een advocaat of een jurist van de rechtsbijstand) komen deze kosten wel voor eigen rekening. Ook als er tijdens de procedure een tolk/beëdigd vertaler noodzakelijk is, komen deze kosten voor rekening van de partij die deze hulp inschakelt.

Kan het College van Toezicht/Beroep een toehoorder weigeren?

De voorzitter van het College van Toezicht/Beroep kan een toehoorder weigeren. Dit is mogelijk als er duidelijk aanwijzingen zijn dat: een behoorlijke behandeling van de klacht door de aanwezigheid van de toehoorder zal worden belemmerd, de rechten of belangen van anderen door de aanwezigheid zullen worden geschonden of dat een behoorlijke uitoefening van de tuchtrechtspraak zal worden belemmerd.

Is een hoorzitting openbaar?

Een hoorzitting is niet openbaar. Enkel het College van Toezicht/Beroep, de secretaris, partijen, gemachtigde(n) en (vooraf aangemelde) toehoorders mogen hierbij aanwezig zijn.

Wat is het verschil tussen een toehoorder en een gemachtigde?

Het verschil tussen een toehoorder en een gemachtigde is dat een gemachtigde tijdens de hoorzitting het woord mag voeren. Een toehoorder mag aanwezig zijn tijdens de hoorzitting, maar niet het woord voeren. 

Mag ik iemand meenemen naar een hoorzitting?

Zowel de klager als de beklaagde mag tijdens de zitting maximaal twee toehoorders meenemen. Het is daarbij verplicht om uiterlijk twee weken vóór de zitting de naam en de hoedanigheid (bijvoorbeeld functie of familieband) van de toehoorder aan de secretaris van het betreffende tuchtcollege mede te delen. De andere partij wordt ook vóór de hoorzitting op de hoogte gesteld van aanwezige toehoorders.

Kan ik iemand machtigen die namens mij het woord doet bij een hoorzitting?

Het is mogelijk om iemand te machtigen die namens u het woord doet tijdens een hoorzitting. Elke partij kan maximaal één persoon machtigen het woord te doen tijdens de hoorzitting.

Is het verplicht om mij tijdens de procedure bij te laten bijstaan door een advocaat?

Het is niet verplicht om u bij te laten staan door een advocaat tijdens de procedure. De ervaring leert echter dat partijen zich in de praktijk veelal wel (juridisch) laten bijstaan. U kunt zich laten bijstaan door een advocaat, jurist van uw (eventuele) rechtsbijstandsverzekeraar, onafhankelijk klachtondersteuner, vertrouwenspersoon of een andere gemachtigde.

Wordt een maatregel tot waarschuwing openbaar gemaakt?

Een waarschuwing wordt niet openbaar gemaakt. Dit is een gangbare keuze in het tuchtrecht in de (geestelijke) gezondheidszorg en de jeugdhulp. Dit heeft te maken met het verschil in karakter van enerzijds de waarschuwing en anderzijds de berisping. Wanneer een professional wordt berispt dan is dat omdat het tuchtcollege het handelen fout, vermijdbaar en verwijtbaar acht. Wanneer een professional een waarschuwing krijgt dan bestempelt het betreffende tuchtcollege het handelen weliswaar als onwenselijk en vermijdbaar maar niet verwijtbaar, of wellicht wel verwijtbaar, maar heeft de jeugdprofessional zich reflectief en leerbaar getoond.

Hoe wordt de jeugdprofessional op zijn/haar kwaliteit beoordeeld door de tuchtcolleges?

Een ingediende (tucht)klacht kan slechts betrekking hebben op het beroepsmatig handelen van een jeugdprofessional. De colleges geven een antwoord op de vraag of de jeugdprofessional bij het beroepsmatig handelen gebleven is binnen de grenzen van een behoorlijke beroepsuitoefening, niet of het (beroepsmatig) handelen beter had gekund. Zo toetsen de colleges het handelen van de professional – onder andere – aan de voor zijn beroepsgroep geldende beroepscode.

Kan ik een tuchtklacht indienen over een gemeente/instelling?

Nee, SKJ kan alleen tuchtklachten in behandeling nemen over individuele (geregistreerde) jeugdprofessionals. Indien u een klacht heeft over een gemeente/instelling kunt u zich het beste rechtstreeks wenden tot de betreffende gemeente/instelling.

Kan ik verantwoordelijk worden gehouden voor het handelen van mijn voorganger?

In het tuchtrecht geldt als uitgangspunt dat je alleen verantwoordelijk kunt zijn voor je eigen handelen. Wel kan een jeugdprofessional verantwoordelijk gehouden worden als deze merkt dat zijn of haar voorganger steken heeft laten vallen en dat daardoor het belang van de cliënten is of zou kunnen worden geschaad. Als de jeugdprofessional dan niet handelt om de gevolgen voor de cliënten zoveel mogelijk weg te nemen, zou deze daarvoor verantwoordelijk kunnen worden gehouden.

Kan ik als jeugdprofessional voor andermans handelen worden aangesproken?

Als uitgangspunt geldt dat een jeugdprofessional alleen verantwoordelijk is voor zijn eigen handelen. Een uitzondering hierop is als een jeugdprofessional iemand – bijvoorbeeld een collega, lid van het management – fouten ziet maken/risico’s nemen en hier niets over zegt/geen actie onderneemt. Dat is namelijk óók verantwoordelijkheid nemen voor je eigen aandeel.

Is klachtrecht hetzelfde als tuchtrecht?

Klachtrecht is niet hetzelfde als tuchtrecht. In het tuchtrecht wordt getoetst of het handelen waarover wordt geklaagd, strookt met de professionele standaard van de beroepsgroep waartoe de jeugdprofessional behoort. Het individuele handelen van de jeugdprofessional staat centraal. In het klachtrecht kan een klager over de (jeugd)professional klagen, maar ook over aangelegenheden met betrekking tot de zorgaanbieder zelf. De uitspraak van de klachtencommissie van de zorgaanbieder wordt niet opgenomen in het register van SKJ.

Moet een leidinggevende/directeur ook bij SKJ geregistreerd zijn?

Een SKJ registratie is in de meeste gevallen voor een leidinggevende/directeur etc. niet noodzakelijk. De norm van verantwoorde werktoedeling verlangt van jeugdhulpaanbieders dat zij het werk verantwoord toedelen. Dit betekent dat zij de uitvoering van de jeugdhulp en de jeugdbescherming door geregistreerden moeten te laten verrichten tenzij zij aannemelijk kunnen maken dat het werk (jeugdhulp, jeugdbescherming) even goed verantwoord door een niet-geregistreerde kan worden uitgevoerd. Aangezien een leidinggevende/directeur vooral een procesverantwoordelijkheid heeft en meestal niet zelf hulp biedt aan jeugdigen, is het in de meeste gevallen niet noodzakelijk dat deze is geregistreerd.

Kan ik een tuchtklacht indienen over een niet-geregistreerde jeugdprofessional?

SKJ kan enkel tuchtklachten in behandeling nemen over een bij SKJ geregistreerde jeugdprofessional. Als u een klacht wilt indienen over een niet-geregistreerde professional, of indien u van mening bent dat deze jeugdprofessional ten onrechte niet is geregistreerd bij SKJ, kunt u het beste contact opnemen met de instantie waar deze professional werkt of met de gemeente die de jeugdhulpverlening aanbiedt of heeft gecontracteerd.