Het College ziet af van het opleggen van een maatregel. Beklaagde heeft erkend dat zij onjuist heeft gehandeld en hierop gereflecteerd.

Zaaknummer: 17.117T
Datum beslissing: 24 mei 2018
Oordeel: klachtonderdeel III deels gegrond en deels ongegrond; klachtonderdelen I, II, IV ongegrond
Maatregel: geen

Download de volledige beslissing in pdf

Let op: in deze zaak is beroep ingesteld. Zie voor de beslissing van het College van Beroep: zaaknummer 18.015B.

Kern van de klacht is dat beklaagde informatie negeert en haar zin doordrijft, zij klaagster niet serieus neemt, de inhoud van haar rapportage niet deugt en dat zij onvoldoende deskundig is om het onderzoek uit te voeren. In deze samenvatting wordt alleen klachtonderdeel III besproken. De andere klachtonderdelen zijn ongegrond verklaard. Klachtonderdeel III ziet toe op het volgens klager niet deugen van de rapportage omdat hierin onvolledige en valse informatie is opgenomen en beklaagde hiermee valsheid in geschrifte heeft gepleegd. Hiermee is klaagster haar vertrouwen in de jeugdzorg geschonden. Beklaagde bestrijdt dit. Beklaagde stelt dat zij zich aan de regels heeft gehouden en noemt enkele voorbeelden.

In een email bericht aan klaagster geeft beklaagde aan dat zij in het kader van onderzoek in ieder geval contact gaat opnemen met het consultatiebureau en de huisarts en dat nog beoordeeld zal worden of het noodzakelijk is andere professionals te benaderen. Beklaagde gaat er in haar e-mail van uit dat als zij geen tegenbericht krijgt, klaagster hiermee instemt. Beklaagde heeft informatie opgevraagd bij het kinderdagverblijf. Het College oordeelt dat beklaagde klaagster had moeten laten weten dat zij voornemens was om dit te doen. Nu zij dit niet gedaan heeft, heeft beklaagde een beroepsnorm geschonden. Het klachtonderdeel wordt gegrond verklaard voor wat betreft de wijze waarop informatie is ingewonnen bij het kinderdagverblijf. Voor het overige is dit klachtonderdeel ongegrond.