Beklaagde heeft zorgvuldig gehandeld bij de uitvoering van de spoedtaxatie en de periode daarna

Zaaknummer: 16.172T
Datum beslissing: 17 augustus 2017
Oordeel: alle klachtonderdelen ongegrond
Maatregel: geen

Download de volledige beslissing in pdf

Let op: in deze zaak is beroep ingesteld. Zie voor de beslissing van het College van Beroep: zaaknummer 17.028B

De casusregisseur van de gemeente heeft beklaagde verzocht een spoedtaxatie naar de behoefte van de gezinsleden ten behoeve van een mogelijk behandeltraject te maken. Beklaagde heeft drie gesprekken met de ouders gevoerd. Eén daarvan was in bijzijn van de kinderen. Voorafgaand aan het derde gesprek zijn door school zorgen geuit aan de casusregisseur. Beklaagde heeft dit tijdens het huisbezoek willen bespreken. Tijdens dit bezoek is een crisissituatie ontstaan. Klaagster heeft het gesprek verlaten. De vader (klager) heeft tijdens dit gesprek de toestemmingsverklaring getekend. Beklaagde heeft ambulante spoedzorg geadviseerd voor intensieve ondersteuning in de gezinssituatie. Ter afsluiting van de opdracht heeft beklaagde aan de gemeente gerapporteerd. Ouders hebben naderhand een evaluatiegesprek geïnitieerd.

Klacht

Allereerst verwijt klaagster beklaagde onzorgvuldig te hebben gehandeld door te hebben verteld dat de kinderen uit huis zouden worden geplaatst wanneer klaagster de woning niet zou verlaten ten tijde van de hulpverlening in het vrijwillige kader. Ten tweede heeft beklaagde zonder toestemming van de ouders overlegd met de casusregisseur van de gemeente. Ten derde heeft beklaagde geen contact opgenomen met andere betrokken instanties. Ten vierde heeft beklaagde niet willen reflecteren op haar handelen. Ten vijfde heeft beklaagde nagelaten zelf onderzoek te verrichten naar de situatie bij klaagster. Zij is afgegaan op verhalen van anderen. Ten zesde heeft beklaagde zonder toestemming van ouders over de situatie gerapporteerd aan de gemeente. Tot slot verwijt klager beklaagde dat zij zou hebben gezegd: ‘moeder eruit of de kinderen eruit’. Beklaagde heeft dit ontkend.

Beslissing

Het College heeft alle klachtonderdelen ongegrond verklaard. Klachtonderdeel één, vijf en zeven zijn gezamenlijk beoordeeld. Uit de stukken kan het College niet opmaken of beklaagde aan klaagster de door haar gestelde mededeling heeft gedaan, omdat aan het woord van de een niet meer geloof kan worden gehecht dan aan het woord van de ander. Ook zijn er voor het College geen aanknopingspunten in het dossier of gedurende de zitting naar voren gekomen waaruit blijkt dat beklaagde is afgegaan op verhalen van anderen en niet heeft doorgevraagd op het moment dat klaagster haar verhaal deed. Voorts heeft beklaagde betwist dat zij de gestelde opmerking heeft gemaakt. Nu beklaagde niet met de betreffende tekst heeft ingestemd is het voor het College niet mogelijk vast te stellen door wie dit gezegd is. Klachtonderdeel twee en zes zijn gezamenlijk beoordeeld. Het College is van oordeel dat het niet tot de verantwoordelijkheid van beklaagde behoort om zorg te dragen voor de toestemming van ouders bij een terugkoppeling naar de gemeente. Ook is uit de stukken en tijdens de mondelinge behandeling gebleken dat de vader tijdens het huisbezoek, nadat klaagster het gesprek had verlaten, toestemming heeft gegeven voor de ambulante spoedhulp. Klachtonderdeel drie heeft beklaagde volgens het College voldoende weerlegd. Nu zij heeft aangegeven hoe zij heeft geprobeerd in contact te komen met de betreffende partijen. Klachtonderdeel vier is ook ongegrond verklaard nu beklaagde volgens het College voldoende heeft aangegeven hoe zij gereflecteerd heeft op haar handelen.