De gezaghebbende ouder is onvoldoende betrokken bij de totstandkoming van het plan van aanpak

Zaaknummer: 15.008B (14.006T)
Datum beslissing: 2 februari 2016
Oordeel: deels gegrond
Maatregel: geen

Download de volledige beslissing in pdf

Zie voor de beslissing van het College van Toezicht: zaaknummer 14.006T

De moeder vindt dat de gezinsvoogd haar privacy onvoldoende heeft gewaarborgd door – zonder daarvoor aan de moeder toestemming te vragen – op 10 juli 2014 de beeldopnamen te bekijken, die de vader van de moeder gemaakt heeft. Verder verwijt de moeder dat de gezinsvoogd geen actie heeft ondernomen n.a.v. haar verdenking, dat de vader zich onzedelijk zou hebben gedragen jegens dochter E. Voorts verwijt de moeder de gezinsvoogd dat hij geen verslagen heeft gemaakt, dat geen enkel plan van aanpak is besproken en dat geen contactjournaals naar haar zijn gestuurd. Het College van Toezicht heeft ten onrechte geen kennis genomen van de door de moeder in het geding gebrachte bandopnames. De moeder verwijt de gezinsvoogd dat hij onvoldoende zorgvuldig met haar communiceert en dat hij onvoldoende neutraal handelt en gebruik maakt van intimidatie.

Bij het beroepschrift heeft de moeder – voor het eerst in de procedure bij SKJ – gedeelten van een uitspraak van de klachtencommissie bij de Stichting Bureaus Jeugdzorg Gelderland van 30 oktober 2014 overgelegd. In de uitspraak van de klachtencommissie worden de klachten 2 (De Stichting komt afspraken niet na) en 6 (De Stichting heeft de privacy van klaagster onvoldoende gewaarborgd door het bekijken van de opnames die de vader van klaagster heeft gemaakt) van de moeder gegrond verklaard. Op verzoek van het College is door de moeder de gehele uitspraak van de klachtencommissie alsnog ter zitting van 12 januari 2016 overgelegd, met de daarbij gevoegde reactie van 1 december 2014 van de Raad van Bestuur van Bureau Jeugdzorg Gelderland, waarin aan de moeder voor wat betreft de 2 gegrond verklaarde klachten excuses worden aangeboden.

Het College: Het verschil tussen beide procedures is in ieder geval, dat het bij een klachtprocedure gaat om een klacht tegen de instelling, terwijl het bij een tuchtprocedure gaat om de klacht tegen een jeugdprofessional zelf. Bij een klachtprocedure kunnen meerdere functionarissen van een instelling betrokken worden, bij een tuchtrechtprocedure gaat het om een klacht of klachten tegen een of meerdere jeugdprofessionals, die individueel worden aangesproken op het al of niet nakomen van hun beroepscode. Beide procedures kunnen dus naast elkaar gevoerd worden. De uitslag van een beslissing van een klachtencommissie kan overigens wel van invloed zijn op het oordeel van de tuchtrechter: bij deze klacht heeft klager geen belang meer.

Het College: Gezaghebbende ouders dienen actief betrokken te worden bij de totstandkoming van een plan van aanpak. Indien dit om welke reden dan ook niet mogelijk blijkt te zijn, dient tenminste in het plan van aanpak te worden aangegeven welke pogingen zijn ondernomen om de gezaghebbende ouder erbij te betrekken en wat de reden is geweest dat het contact niet is gelukt. Het College benadrukt voorts dat de bespreking van het plan van aanpak een goed moment is om de gezaghebbende ouder te informeren over wat een ondertoezichtstelling inhoudt, wat de spelregels zijn bij een ondertoezichtstelling en wat de ouder van de gezinsvoogd kan verwachten.

Conclusie: Nu de moeder in de betreffende zaak onvoldoende door de gezinsvoogd is geïnformeerd en betrokken bij het plan van aanpak, verklaart het College dit klachtonderdeel gegrond. De overige klachten worden ongegrond verklaard. Het College heeft bij de gegrond verklaarde klacht ernstig overwogen om een waarschuwing op te leggen, maar vertrouwt erop dat de Stichting Bureau Jeugdzorg het beleid voldoende aanscherpt waardoor dit soort fouten in de toekomst wordt vermeden.