De gezinsvoogd is betrokken bij een gecompliceerde echtscheiding waarbij klager zich benadeeld voelt ten opzichte van moeder

Zaaknummer: 16.099T
Datum beslissing: 3 november 2016
Oordeel: ongegrond
Maatregel: geen

Download de volledige beslissing in pdf

Klager en zijn ex-partner zijn door een gecompliceerde scheiding uit elkaar. Beklaagde is bij het gezin betrokken als gezinsvoogd ter uitvoering van de OTS van hun dochter. Klager verwijt beklaagde in het belang van moeder te handelen. Het CvT oordeelt dat beklaagde in lijn met de beroepscode heeft gehandeld en geen tuchtrechtelijk verwijt kan worden gemaakt.

Klacht

Klager verwijt beklaagde onprofessioneel gehandeld te hebben. Ten tweede is beklaagde partijdig, discrimineert en behandelt klager niet gelijkwaardig met moeder. Ten derde wordt beklaagde verweten niet te communiceren met klager, terwijl hij ouder met gezag is. Ten vierde wordt beklaagde verweten zich niet aan afspraken te houden die door zijn voorgangers zijn gemaakt. Ten vijfde heeft beklaagde een incompleet dossier, pleegt hij valsheid in geschrifte en saboteert de observatie door bevindingen aan te passen en uit het dossier te laten. Tot slot heeft beklaagde een machtsmiddel in de vorm van een schriftelijke aanwijzing gebruikt om klager in te laten in stemmen met de behandeling en het onderzoek van het kind.

Beslissing

Het CvT verklaart alle klachtonderdelen ongegrond. Het eerste klachtonderdeel is onvoldoende onderbouwd door klager. Het tweede klachtonderdeel is ongegrond verklaard, omdat het voor de hand ligt nu de verblijfplaats van het kind bij moeder is er wellicht meer aandacht lijkt uit te gaan naar moeder. Naar het oordeel van het College betekent dat niet automatisch dat beklaagde klager niet gelijkwaardig met moeder zou behandelen of partijdig zou zijn. Voor wat betreft het derde klachtonderdeel is uit de stukken niet gebleken dat beklaagde niet communiceert met klager. Het vierde klachtonderdeel is ongegrond verklaard, omdat klager zijn klacht slechts op één productiestuk heeft gebaseerd waaruit bovendien niet blijkt dat beklaagde met de gemeente de afspraken niet nakomt.  Het vijfde klachtonderdeel is volgens het College niet gebleken uit de stukken. Tot slot het laatste klachtonderdeel wordt ongegrond verklaard omdat het College niet is gebleken dat de hulpvraag van klager niet door beklaagde is gehoord en daar vervolgens niet naar zou hebben gehandeld.