Gezinsvoogd heeft spoeduithuisplaatsing onvoldoende gemotiveerd

Zaaknummer: 15.065T
Datum beslissing: 23 februari 2016
Oordeel: gedeeltelijk gegrond
Maatregel: waarschuwing

Download de volledige beslissing in pdf

Let op: in deze zaak is beroep ingesteld. Zie voor de beslissing van het College van Beroep: zaaknummer 16.002B

In de Richtlijn crisisplaatsing voor jeugdhulp en jeugdbescherming staan de criteria voor een spoeduithuisplaatsing. Het gaat om situaties waarin de jeugdige of een gezinslid direct fysiek gevaar loopt. Het College acht het van groot belang dat de jeugdprofessional kan motiveren waarom hij tot het oordeel is gekomen dat er sprake was van een dergelijke situatie (conform artikel D van de Beroepscode voor de Jeugdzorgwerker).

In de onderhavige zaak heeft de gezinsvoogd in het verweerschrift en tijdens de mondelinge behandeling van het College onvoldoende gemotiveerd waarom de door hem genoemde redenen hebben geleid tot een spoeduithuisplaatsing, en was naar het oordeel van het College geen sprake van een situatie waarin een spoeduithuisplaatsing nodig was. Door het handelen van beklaagde heeft klaagster geen gelegenheid gehad om met haar kinderen toe te werken naar de uithuisplaatsing, hetgeen het College hem kwalijk neemt, en het vertrouwen in de jeugdzorg niet bevorderd. Het College legt een waarschuwing op.