Klacht tegen medewerker van Veilig Thuis wordt gegrond verklaard omdat beklaagde bewust een vraag gesteld heeft aan de dochter van klaagster over de – geheime – zwangerschap van klaagster

Zaaknummer: 16.073T
Datum beslissing: 24 januari 2017
Oordeel: klacht gegrond
Maatregel: berisping

Download de volledige beslissing in pdf

Let op: in deze zaak is beroep ingesteld. Zie voor de beslissing van het College van Beroep: zaaknummer 17.009B

Klaagster heeft een kind gekregen dat zij bij de geboorte heeft afgestaan. Veilig Thuis heeft tijdens de zwangerschap van klaagster een onderzoek naar de andere kinderen in het gezin gedaan, vanwege veelvuldig schoolverzuim. Het voornemen van klaagster om afstand te doen van de toen nog ongeboren baby is door alle betrokken instanties als geheim gedocumenteerd, beklaagde was hiervan op de hoogte. De maatregel van berisping wordt aan beklaagde opgelegd, omdat beklaagde bewust aan de dochter van klaagster de vraag gesteld heeft of de zwangerschap van klaagster de reden kon zijn van het schoolverzuim. De dochter was echter niet op de hoogte van de zwangerschap.

Klacht

Klaagster verwijt beklaagde onzorgvuldig en onprofessioneel handelen omdat hij willens en wetens geheime informatie heeft verstrekt aan de dochter van klaagster. Dit terwijl het voornemen van klaagster om afstand te doen van de baby door alle betrokken instanties als geheim gedocumenteerd is. De dochter wist niet van de zwangerschap en beklaagde heeft vooraf geen overleg met klaagster gehad. Sinds de dochter van klaagster op de hoogte van het geheim is, staat het leven van klaagster op zijn kop. Hoewel beklaagde zich kan vinden in de klacht, geeft hij aan dat hij ruim voordat de tuchtklacht is ingediend zijn fout reeds heeft erkend en dat hiervoor meermalen excuses zijn aangeboden. Beklaagde geeft aan een andere keer zorgvuldiger op te letten op zijn woordkeuze. Beklaagde verzoekt om af te zien van het opleggen van een maatregel.

Beslissing

Het CvT verklaart de klacht gegrond. Het CvT verwijt beklaagde niet alleen dat hij de minderjarige dochter zonder toestemming van haar moeder heeft geconfronteerd met de geheime gegevens over de zwangerschap en adoptie, maar tevens dat beklaagde hierover, nadat klaagster niet thuis bleek te zijn, geen enkel voorafgaand overleg heeft gehad met moeder. Door zijn handelen heeft beklaagde de privacy van klaagster en het vertrouwen in de jeugdzorg geschonden en is sprake van overtreding van artikel D en J van de Beroepscode. Hoewel dit handelen zonder meer een voorwaardelijke schorsing rechtvaardigt, is gebleken dat beklaagde blijk heeft gegeven van reflectie en meerdere malen excuses heeft aangeboden. Het CvT komt daarom tot oplegging van de maatregel van berisping.