Klacht tegen gezinsvoogd betreffende de wijze waarop afspraken worden gepland en verlopen, misbruik van machtspositie en het niet serieus nemen van klager.

Zaaknummer: 15.062Ta
Datum beslissing: 1 november 2016
Oordeel: Ongegrond
Maatregel: geen

Download de volledige beslissing in pdf

De klacht van klager bestaat uit dertien klachtonderdelen. In de kern zien de klachten op de wijze waarop afspraken worden gepland en verlopen, misbruik van machtspositie en het niet serieus nemen van klager.

Ten aanzien van klachtonderdeel I, betreffende het bezoek van de kinderen aan de vader van klager, dat door de schuld van beklaagde niet heeft plaatsgevonden, heeft het College geconstateerd dat klager geen concrete vraag hierover aan beklaagde heeft gesteld. Slechts een terloopse opmerking is naar het oordeel van het College onvoldoende om te verwachten dat beklaagde direct tot actie zou overgaan. Ten aanzien van de klachtonderdelen II, VIII, IX, X, XII en XIII heeft het College geoordeeld zich voor te kunnen stellen dat klager onder de gegeven omstandigheden heeft gevoeld dat hij in een mindere positie werd gebracht. Het College heeft echter in het handelen van beklaagde geen omstandigheden kunnen vinden waaruit zou kunnen blijken dat zij niet voldoet aan de criteria die gesteld mogen worden aan de jeugdprofessional. Klachtonderdelen III, IV en XI zijn onvoldoende onderbouwd. Ten aanzien van klachtonderdeel V heeft het College geoordeeld dat terecht is afgezien van een bezoek van klager aan zijn kinderen, nu door klager onvoldoende waarborgen zijn gegeven voor de veiligheid van de kinderen bij een onbegeleid contact, en het begeleid bezoek tijdens de feestdagen niet georganiseerd kon worden. Voor zover klager beklaagde in klachtonderdeel VI verwijt dat zij bij het zoeken naar een plaats voor omgang klager bewust in een nadelige positie heeft gebracht, heeft het College geoordeeld dat het klager niet volgt in zijn stelling. De afspraken voor de omgang zijn gemaakt, mede in het belang van de kinderen, waardoor incidenteel gekozen is voor een plaats buiten het woongebied van klager. Tot slot volgt het College beklaagde in de stelling dat de kosten en de uitbetaling van de reiskosten behoren tot de verantwoordelijkheid van de GI en beklaagde niet raken.