Klacht tegen gezinsvoogd over het geven van onjuiste/negatieve informatie en het nalaten om de pleegouders/kinderen aan te spreken op hun gedrag.

Zaaknummer: 15.062Tg
Datum beslissing: 1 november 2016
Oordeel: ongegrond
Maatregel: geen

Download de volledige beslissing in pdf

De klacht van klager bestaat uit twaalf klachtonderdelen. In de kern zien de klachten van klager op het geven van onjuiste/negatieve informatie en het nalaten de pleegouders/kinderen aan te spreken op hun gedrag.

Ten aanzien van klachtonderdeel I is het College gebleken dat beklaagde juist heeft gehandeld door ervoor te zorgen dat de foto van de minderjarige van Facebook is verwijderd. Met betrekking tot klachtonderdeel II heeft het College geoordeeld dat beklaagde vanuit zijn functie geen (negatieve) informatie aan de rechtbank kan geven en ook is niet gebleken dat hij dit op wat voor wijze dan ook gedaan heeft. Het is het College voorts niet gebleken dat beklaagde doelbewust heeft gezegd dat de moeder niet bij het bezoek van de kinderen aanwezig mag zijn en klager niet van informatie heeft voorzien. Ten aanzien van klachtenonderdeel V, inhoudende dat de kinderen de pleegouders aanspreken met papa en mama, heeft beklaagde voldoende duidelijk gemaakt dat het uitspreken van deze woorden aan het adres van pleegouders vaker voorkomt. Met betrekking tot klachtonderdeel VI heeft beklaagde voldoende aannemelijk gemaakt dat hij niet op de hoogte is geweest van adviezen van de rechter en voorts dat hij niets van doen heeft gehad met het mogelijk stopzetten van de contactmomenten. Klachtonderdeel VII, XI en XII zijn bij gebreke van onderbouwing ongegrond verklaard. Ten aanzien van klachtonderdeel VIII heeft het College geoordeeld dat niet is gebleken dat beklaagde doelbewust nooit heeft beschreven dat de kinderen het goed doen tijdens het bezoek met de klager en diens partner. Met betrekking tot klachtonderdeel IX heeft het College overwogen dat de omstandigheid dat kinderen van deze leeftijd niet in staat zijn een lang telefoongesprek te voeren, niet op de schouders van de pleegouders kan worden gelegd en in het verlengde daarvan een verantwoordelijkheid is van beklaagde. Tot slot heeft het College overwogen dat de enkele omstandigheid dat beklaagde geen aangifte heeft gedaan vanwege het optreden van klager, niet wegneemt dat beklaagde zich wel degelijk bedreigd heeft gevoeld.