Klager dient tegen 3 jeugdprofessionals een klacht in betreffende (de uitvoering van) de ondertoezichtstelling (zie ook 16.078Tb en c)

Zaaknummer: 16.078Ta
Datum beslissing: 21 december 2016
Oordeel: klachtonderdeel I ongegrond, klager in klachtonderdelen II en III niet-ontvankelijk
Maatregel: geen

Download de volledige beslissing in pdf

Klager is vader van een zoon en twee dochters. De vader heeft een klacht ingediend tegen de teamleider van de gecertificeerde instelling die uitvoering geeft aan de ondertoezichtstelling van de kinderen.

Klacht

Klager verwijt beklaagde het volgende: beklaagde heeft niet naar klager geluisterd tijdens het bemiddelingsgesprek in februari 2016. Beklaagde heeft het beleid van zijn medewerkers ondersteund. Beklaagde heeft het belang van de kinderen niet voorop gesteld.

Beslissing

Het CvT verklaart het eerste onderdeel van de klacht ongegrond en de andere twee onderdelen niet-ontvankelijk. Klager heeft desgevraagd ter zitting bevestigd dat juist is dat hij zich na afloop van het bemiddelingsgesprek gehoord heeft gevoeld, maar meent dat het verslag komt niet overeen met zijn herinnering aan het gesprek. Het CvT constateert dat klager door beklaagde in de gelegenheid is gesteld om te reageren op het verslag, en dat de opmerkingen van klager aan het verslag zijn gehecht. Het CvT heeft geen aanwijzingen dat het verslag geen juiste weergave is van het besprokene en verweerder valt hierin geen tuchtrechtelijk verwijt te maken. De andere twee klachtonderdelen hebben betrekking op de functie van beklaagde (teamleider); klager heeft geen contact met beklaagde omtrent de uitvoering van de jeugdbeschermingsmaatregelen. Het CvT is niet bevoegd te oordelen over de klachten m.b.t. de wijze waarop beklaagde zijn functie uitoefent, klager is derhalve niet-ontvankelijk in deze klachten.