De maatregel van berisping wordt opgelegd nu de betreffende gezinsvoogd de kinderen op school, zonder enige professionele nazorg, op de hoogte heeft gebracht van haar voornemen tot uithuisplaatsing

Zaaknummer: 16.037T
Datum beslissing: 7 februari 2017
Oordeel: klachtonderdelen I, II, III, IV en VI ongegrond klachtonderdeel V deels gegrond
Maatregel: Berisping

Download de volledige beslissing in pdf

Let op: in deze zaak is beroep ingesteld. Zie voor de beslissing van het College van Beroep: zaaknummer 17.008B-2

Klacht

Klaagster verwijt beklaagde dat zij uitsluitend handelt in het belang van vader en zij is daarmee het belang van moeder en de kinderen uit het oog verloren. Voorts bevat het plan van aanpak onjuistheden en de rapportages zijn verouderd. Daarnaast heeft beklaagde geen bekwame en adequate hulp geboden om het verzoek tot uithuisplaatsing te voorkomen. Beklaagde heeft klaagster niet laten uitpraten en heeft klaagster haar mening opgedrongen. Tot slot heeft beklaagde, zonder dat klaagster het wist, het verzoek tot uithuisplaatsing ingediend bij de rechtbank. Beklaagde heeft vervolgens, zonder toestemming en professionele nazorg, de kinderen op school geïnformeerd over het voornemen tot uithuisplaatsing. De ouders zijn pas later door beklaagde telefonisch ingelicht.

Beslissing

Het CvT oordeelt dat uit de stukken en mondelinge behandeling niet is gebleken dat beklaagde slechts de belangen van vader voor ogen heeft gehouden maar ook heeft gehandeld naar de belangen van de moeder en kinderen. Voorts heeft beklaagde zorgvuldig en volledig gehandeld wat betreft het vermelden van de feiten, omstandigheden en bevindingen waarop het rapport berust. Reeds door het gebruiken van de twee jaar oude rapporten is niet gebleken dat gebruik is gemaakt van zodanige oude rapporten dat die niet meer gebruikt kunnen worden. Tevens oordeelt het CvT dat beklaagde alle bekwame en adequate hulp heeft geboden door te onderzoeken of de sociale kring van de ouders ondersteuning konden bieden. Dit was niet mogelijk zolang de ouders nog in conflict met elkaar zouden zijn. Daarnaast heeft het CvT geoordeeld dat niet is vast komen te staan dat beklaagde haar mening heeft opgedrongen of klaagster niet heeft uit laten praten. Het laatste klachtonderdeel wordt deels gegrond verklaard. Ten aanzien van het deel over de toetsing van de uithuisplaatsing oordeelt het CvT dat het niet aan beklaagde maar aan de rechtbank is daarover te oordelen. Nu beklaagde de kinderen op school geïnformeerd heeft en de kinderen hierna zonder enige begeleiding daar achtergelaten, terwijl beklaagde zich niet eerst vergewist heeft of de uithuisplaatsing voor de kinderen gezamenlijk wel mogelijk was, heeft zij de kinderen onnodig in een stressvolle situatie
gebracht en in die toestand zonder begeleiding achtergelaten op school. Het CvT legt aan beklaagde
de maatregel van berisping op.