Klacht tegen gezinsmanager dat hij in de overleggen werkt zonder agenda en verslag, doelen slechts één keer per jaar evalueert, klager onheus bejegent, het verzoekschrift voor verlenging van de ondertoezichtstelling zonder overleg naar de rechter stuurt en een top teen onderzoek verzoekt zonder toestemming klager.

Zaaknummer: 17.100Ta
Datum beslissing: 5 juli 2018
Oordeel: ongegrond
Maatregel: geen

Download de volledige beslissing in pdf

Volgens klager wordt er tijdens de Uitvoerdersoverleggen geen agenda gehanteerd en geen verslag gemaakt. Toen beklaagde het werk overnam, vielen alle regels weg. Bovendien kreeg klager één keer per jaar tijdens de verlengingszitting te horen wat er volgens beklaagde was bereikt. Het College ziet de gestelde doelen ‘voorspelbaarheid, rust en duidelijkheid’ telkens terugkomen in de bij het verweer gevoegde bijlagen. Overigens kan het College de tijdens de mondelinge behandeling door beklaagde getoonde reflectie wel volgen, dat hij zich ten aanzien van de contactmomenten met klager sterker had kunnen positioneren.

De klacht dat beklaagde geen interesse heeft getoond in klager over hoe deze zijn vaderschap in wil vullen, acht het College niet onderbouwd. Uit het verweer blijkt voldoende dat klager is uitgenodigd voor alle overleggen en dat beklaagde steeds geprobeerd heeft klager erbij te betrekken. Over de klacht dat klager niet goed is geïnformeerd over de beslissing van de GI om de rechter verlenging van de ondertoezichtstelling te verzoeken, overweegt het College dat nu klager direct na het gecancelde Uitvoerdersoverleg (wat door klager vergeten was) van beklaagde een e-mail heeft gekregen over de naderende deadline voor het indienen van het verzoekschrift en over de beslissing verlenging van de ondertoezichtstelling te gaan verzoeken, hij klager voldoende op de hoogte heeft gehouden. Voorts heeft beklaagde onweersproken aangevoerd dat klager, nadat de GI het verzoekschrift aan de rechter heeft gestuurd, de mogelijkheid heeft gekregen om te reageren via de GI, maar ook direct bij de rechter zelf. Klager is daardoor naar het oordeel van het College niet in zijn belangen geschaad.

Het College stelt vast dat beklaagde klager heeft geïnformeerd dat hij onder andere naar aanleiding van contact met de Jeugd- en Zedenpolitie heeft besloten over te willen gaan tot een top teen onderzoek van de minderjarige. Op 14 april 2017 mailt klager terug dat hij dit buitengewoon goed vindt. Het College kan klager dan ook niet volgen in zijn verwijt dat beklaagde de minderjarige onnodig aan een top teen onderzoek heeft blootgesteld en dat hij daarvan niet op de hoogte was. Alle klachtonderdelen zijn ongegrond.