Moeder klaagt over ambulant hulpverlener. Klachten (deels) gegrond verklaard wegens het niet zorgvuldig beëindigen van de professionele relatie (artikel I Beroepscode) en het niet op verzoek verstrekken van het SKJ registratienummer (artikel F Beroepscode). Het College van Toezicht legt de maatregel van waarschuwing op.

Zaaknummer: 18.033T
Datum beslissing: 11 oktober 2018
Oordeel: deels gegrond
Maatregel: waarschuwing

Download de volledige beslissing in pdf

Moeder heeft tegen een ambulant hulpverlener, die in het kader van Intensieve Pedagogische Thuishulp (ITP) betrokken is geweest, zes klachten ingediend. Het College van Toezicht heeft klaagster in een klachtonderdeel niet-ontvankelijk verklaard nu de inhoud van dit klachtonderdeel niet duidelijk is en onvoldoende onderbouwd. Een klachtonderdeel is ongegrond verklaard. Vier klachtonderdelen zijn door het College (deels) gegrond verklaard.

In deze beslissing staat onder andere de vraag centraal of beklaagde de professionele relatie zorgvuldig heeft beëindigd. Beklaagde heeft de samenwerking met klaagster door het sturen van een e-mail eenzijdig beëindigd. Partijen hebben een verschillende visie op verzoek van wie de samenwerking is beëindigd. Het College overweegt dat op grond van artikel I van de Beroepscode beklaagde verantwoordelijk is voor het zorgvuldig afsluiten van de hulpverlening. Deze wijze van afsluiting staat los van de vraag op wiens verzoek de hulpverlening al dan niet is beëindigd. Onder zorgvuldige afsluiting van de hulpverlening wordt onder meer verstaan dat een jeugdprofessional de beslissing verantwoordt tegenover de cliënt. Het College is van oordeel dat de e-mail van beklaagde niet als een zorgvuldige afsluiting van de professionele relatie kan worden gezien en een schending is van artikel I van de Beroepscode.

Daarnaast is een klachtonderdeel gegrond verklaard dat ziet op het niet (willen) verstrekken van het SKJ registratienummer. Beklaagde heeft zich daarbij op het standpunt gesteld dat het een persoonlijk nummer betreft en nu klaagster dit nummer niet aan haar persoonlijk heeft gevraagd, deze niet door haar verstrekt hoefde te worden. Het College stelt voorop dat het register van SKJ een openbaar register is waarin geregistreerde jeugdprofessionals voor eenieder op te zoeken zijn. Het doel van het register is om inzichtelijk te maken welke jeugdprofessionals bij SKJ geregistreerd zijn en derhalve aan bepaalde eisen van vakbekwaamheid voldoen. Het College volgt beklaagde dan ook niet in haar standpunt dat het SKJ registratienummer een persoonlijk nummer is en dat het ter beoordeling van de betreffende jeugdprofessional is of deze al dan niet wordt afgegeven. Op grond van artikel F van de Beroepscode dient een jeugdprofessional informatie over de Beroepscode en het daaraan gekoppelde tuchtrecht te verstrekken. Het College is van oordeel dan beklaagde door het niet (willen) verstrekken van haar SKJ registratienummer niet conform dit artikel heeft gehandeld.