Vader klaagt erover dat gezinsvoogd zijn afspraken niet nakomt en hem niet informeert

Zaaknummer: 16.047T
Datum beslissing: 23 december 2016
Oordeel: ongegrond
Maatregel: geen

Download de volledige beslissing in pdf

Het College is van oordeel dat beklaagde weliswaar een email niet op het afgesproken moment heeft verzonden, maar dat hij vervolgens zelf aan vader een email heeft gezonden waarin hij zijn excuses heeft aangeboden, op welke email vader heeft gereageerd. Aldus is er geen sprake van schending van de beroepscode.
Ten aanzien van het nakomen van andere afspraken en het informeren van vader over belangrijke zaken heeft een gesprek plaatsgevonden tussen vader en beklaagde, waarin vader is geïnformeerd over de afwegingen die aan de uitkomst van bedoeld intern overleg ten grondslag lagen. Vader heeft geen –andere- voorbeelden genoemd waaruit blijkt dat beklaagde afspraken niet nakomt dan wel vader niet informeert.
Vader heeft een afschrift van het dossier ontvangen, met daarin alle stukken waarop hij recht heeft. Van een door vader genoemd schaduwdossier is niet gebleken. Toen vader beklaagde vertelde een stuk in het dossier te missen, heeft beklaagde het ontbrekende stuk direct aan vader overhandigd. Het College is van oordeel dat beklaagde adequaat en te goeder trouw heeft gehandeld; van een opzettelijk achterhouden van enig dossierstuk is niet gebleken.
Conform afspraak met beklaagde zou vader zelf informatie opvragen bij school. Beklaagde heeft school gemeld dat sprake was van gezamenlijk gezag van klager zodat aan vader informatie verstrekt kon worden. Dat school geen informatie heeft verstrekt, is niet aan beklaagde te verwijten.
Er is een vooraankondiging gedaan van een schriftelijke aanwijzing omdat vader niet instemde met door de Gecertificeerde Instelling noodzakelijk geachte hulpverlening. Vader heeft hiertegen bezwaar gemaakt en andere opties aangedragen, welke opties na bestudering niet opportuun bleken, waarna de Gecertificeerde Instelling de schriftelijke aanwijzing heeft gegeven, die door de kinderrechter is bekrachtigd.
Het College is niet gebleken dat beklaagde vader structureel buiten gesprekken heeft gehouden ook voor wat betreft de gemaakte keuzes in het eerste MDO heeft beklaagde binnen de kaders van de beroepscode gehandeld. Immers beklaagde heeft vader in de gelegenheid gesteld de inhoud van dit MDO direct na het gevoerde overleg met beklaagde te bespreken, van welk aanbod vader besloot geen gebruik te maken.
Het College is van oordeel dat beklaagde zorgvuldig heeft gehandeld door de zorgmelding van vader ten aanzien van de opvoedingssituatie van de kinderen bij moeder te onderzoeken.
Onderbouwd nog gebleken is dat beklaagde zich onfatsoenlijk heeft gedragen jegens vader.
Het is de taak van beklaagde zich onpartijdig op te stellen en transparant te communiceren met vader, moeder en de kinderen. Niet gebleken is dat beklaagde anders heeft gehandeld. De kinderen woonden bij de aanvang van de ondertoezichtstelling bij moeder, zodat het een begrijpelijke keuze is van beklaagde om moeder te helpen bij het verkrijgen van een PGB, hieruit blijkt niet van een partijdigheid door beklaagde.
Dat beklaagde zich schuldig heeft gemaakt aan machtsmisbruik is onderbouwd nog gebleken.
Vader is twee maal uitgenodigd voor een gesprek met de leidinggevende van beklaagde. Dat er tussen vader en de leidinggevende van beklaagde geen gesprek heeft plaatsgevonden, valt beklaagde niet te verwijten.
Niet gebleken is dat beklaagde enige vorm van betrokkenheid heeft gehad bij het beëindigen van het hulpverleningstraject van de zoon van vader.
Het College verklaart de klacht in al zijn onderdelen ongegrond.