Aanvullende scholing voor registratie jeugd- en gezinsprofessionals

Ben je niet (meer) werkzaam in de jeugdhulp of jeugdbescherming, heb je een hsao-diploma (of een diploma van een van de voorgangers van deze opleiding), is je diploma ouder dan 5 jaar, en/of heb je geen uitstroomprofiel jeugdzorgwerker? En wil je je registreren als jeugd- en gezinsprofessional? Afhankelijk van jouw vooropleiding is het nodig aanvullende scholing te volgen om jouw kennis up-to-date te brengen of om specifieke kennis over jeugdhulp en jeugdbescherming te verwerven. Dit kan op 2 manieren:

1 Een maatwerktraject van maximaal 45 EC op basis van opleiding en ervaring

Hierbij volg je een traject van maximaal 45 EC aan aanvullende scholing, dat is gebaseerd op de (bouwstenen van) de opleiding Social Work profiel Jeugd. De aanvullende scholing wordt in minoren of modules post-hbo door hogescholen of commerciële aanbieders aangeboden. De hogeschool of commerciële aanbieder stelt samen met jou vast hoeveel aanvullende scholing nodig is om te voldoen aan de benodigde vereisten voor het profiel Jeugd – en ook in hoeverre aanvullende praktijkervaring noodzakelijk is, afhankelijk van de werkervaring die je eerder hebt opgedaan. Op het certificaat dat je na afronding krijgt, staat hoeveel EC je hebt gevolgd en hoe deze EC zijn vertaald in bouwstenen van het profiel Jeugd. Met dit certificaat kun je je registreren als jeugd- en gezinsprofessional.

Iedere hogeschool geeft zelf invulling aan de aanvullende scholing, als maar is onderbouwd dat de scholing voldoet aan 5 van de 7 bouwstenen van het Landelijk Opleidingsdocument Sociaal Werk, profiel Jeugd. Nagenoeg alle hogescholen bieden minoren en/of modules gerelateerd aan het profiel Jeugd aan. Deze kunnen post-hbo worden gevolgd. Sommige hogescholen zullen begin 2019 de benodigde aanvullende scholing voor registratie in het Kwaliteitsregister Jeugd hebben ontwikkeld.

Informeer voor het volgen van de aanvullende scholing op het gebied van het profiel Jeugd naar de mogelijkheden bij de hogeschool in jouw regio of bij een commerciële aanbieder. Houd er rekening mee dat er kosten verbonden zijn aan het post-hbo volgen van aanvullende scholing.

2 Of een evc-procedure

Je kunt ook een evc-procedure volgen, waaruit mogelijk een bij- en nascholingsadvies volgt. Een evc-procedure (erkenning van eerder verworven competenties) toetst jouw vaardigheden aan de standaard (het beroepscompetentieprofiel) van de jeugd- en gezinsprofessional. De evc-procedure voor de jeugd- en gezinsprofessional is op 1 oktober 2018 beschikbaar gekomen. Kijk op evc-loket.nl voor meer informatie. Als het evc-traject is afgerond, ontvang je een ervaringscertificaat. Als je aan de competentie-eisen hebt voldaan, wordt je ervaringscertificaat omgezet naar het vakbekwaamheidsbewijs ‘vakbekwame hbo jeugd- en gezinsprofessional’. Met dit bewijs kun je je (her)registreren in de kamer Jeugd- en gezinsprofessionals.
Als je het evc-traject niet met succes afrondt, krijg je van de evc-uitvoerder een advies over verdere deskundigheidsbevordering, of activiteiten die je kunt ondernemen in je werk.